Voor de tweede keer in vijf jaar ben ik een aantal dagen vrijgezel alleen. De eerste keer duurde het een week, nu maarliefst tien dagen. Gisteren zijn Lucy en Luchiano naar Santo Domingo, Dominicaanse Republiek, vertrokken. Op woensdag 7 juli (na het EK) reis ik hen achterna.
Een vakantie naar Santo Domingo levert een flinke dosis stress op. Lucy moet van tevoren veel dingen regelen en kado's voor de familie kopen. Maar natuurlijk ook schoenen (dat moet altijd) en een grotere handtas waar de papieren in kunnen. Ook werd onze oude audio-installatie ingepakt, die is voor haar vader.
Vorig jaar had Lucy bijzonder slechte ervaringen met de bagage-afhandeling van Aeropostal. Pas na zes dagen had ze al haar koffers binnen, ze moest er twee of drie keer voor terug naar luchthaven Las Americas. Bij het inchecken smeekte ze de medewerkster derhalve haast of ditmaal wel alle koffers mee zouden gaan.
Er gaan veel Dominicanen naar Santo Domingo, dat is logisch, en deze mensen nemen gigantische vrachten bagage mee. Honderd, tweehonderd kilo is geen uitzondering. De medewerkster zag Lucy's vertwijfelde blik en pakte haar portofoon: "Robert! De volgende vijf koffers en dozen moeten persé mee! Ja, die nú op de band staan!" Wij bedankten haar. Tegen Lucy zei ik even later dat het heel goed mogelijk is dat die vrouw gewoon maar wat in een uitstaande portofoon had geroepen. Om van het gezeur af te zijn.
Na het inchecken was er nog even wat consternatie. De vlucht naar Santo Domingo zou vertraagd zijn. Ik keek op het scherm met Departures. Alle zes vluchten van onze lokale DCA waren met minimaal een uur vertraagd, ook bestemming Santo Domingo. Die van de Venezolaanse maatschappij Aeropostal vlogen tot onze opluchting allemaal stipt op tijd.
We aten wat kip en al snel was het tijd om door de douane te gaan. We namen afscheid en ik liep naar boven, waar achter tralies wat banken staan. Op Curacao worden de vliegtuigen niet door middel van slurven met de gates verbonden, neen, de passagiers moeten over het terrein naar hun vliegtuig lopen. Dat is leuk, want dan kan men nog even zwaaien.
Na het zwaaien hield ik het voor gezien, ging boodschappen doen en reed naar huis. Precies op tijd voor de kwartfinale Nederland-Zweden. De wedstrijd was niet best, maar bij vlagen wel spannend. De Zweden deden er niet veel aan en dat was maar goed ook. Potentieel vond ik ze namelijk stukken gevaarlijker dan de als los zand aan elkaar hangende Nederlandse ploeg.
Edgar Davids speelde niet goed. Ik stond al een kwartier "Wissel! Sneijder of Van der Vaart!" te schreeuwen. De wissel kwam, maar het werd Heijtinga! Het leek mij niet slim. Met de wissel van Makaay voor de onthutsend zwak spelende Van der Meyde was ik het wel eens, ook al kon Makaay geen potten breken.
Penalties. Een vreemd soort opluchting maakte zich van mij meester. "Tja, nu liggen we eruit..." Dat de eerste van Van Nistelrooy erin ging gaf mij een beetje hoop. Bij Zlatan schreeuwde ik "Liften! Liften!" tegen de televisie en hij schoot over. Bij Cocu vreesde ik met het hele land en terecht. En wat te denken van het eigen doelpunt van Van der Sar, ook nog nooit vertoond. Had ik in de goal gestaan, waren we al door geweest!
Van der Sar revancheerde zich echter op voortreffelijke wijze. Even later maakte onbetwiste uitblinker Arjen Robben het karwei af. Sensationeel! Wat schoot er door mijn hoofd? Dat Rome en Parijs wel degelijk op één dag gebouwd kunnen zijn en dat ik uranium kan pissen. Ja, Polar-bier is gevaarlijker dan men denkt.
Om half zeven had ik nog niets van Lucy gehoord. Ik checkte haar bankrekening en zag dat ze 3000 Peso's had opgenomen. Ze was dus goed aangekomen. Ik belde haar bij haar moeder en inderdaad was alles goed verlopen. Alle vijf stukken bagage waren meegekomen, een hele opluchting. Ook Luchiano was blij dat hij in Santo Domingo is.
Nog negen dagen...