In de jaren 60 was nationaliseringpolitiek correct en in de jaren 90 privatisering en nu weet niemand meer waar de klepel hangt. Dit getuigt weer van de relativiteit van ideologische standpunten.Ik laat me dan ook tegenwoordig alleen maar leiden door mijn gezond verstand en pragmatisme.
Zo beoordeel ik dan ook het door Usona ” take it or leave it” eis van duurzaam beheer geruggensteund door een schenking van 4 miljoen gulden, die het eilandgebied aanvaardde met als gevolg het oprichten van beheersmaatschappij B.M.A., die 13 van onze 21 publieke stranden zal privatiseren.
Protesten van milieubewegingen , vissers met nevenberoepen en ten dode opgeschreven politieke partijen, wel of niet gesteund door drugs en mensensmokkelaars, bewijzen echter wel dat er naast de politieke lobby voor liberalisering en privatisering, Curaçao nog steeds een ideologische, een reactionaire en misschien ook een criminele en opportunistische lobby heeft, voor staatsbezit.
In de jaren 60 heb ik het nationaliseringproces waar ik toen ideologisch achter stond meegemaakt. Toen Curaçao onder economische dwang vele hotels, de W.T.C. en de dokmaatschappij moest nationaliseren jubelde ik. Ook toen wij om vlaggengezwaai een luchtvaartmaatschappij oprichtten . Het debacle van dit proces is echter vandaag grotendeels de reden van onze onbetaalbare binnenlandse schuld, omdat staatsbedrijven bijna nooit budgetefficiënt zijn.
Het her-privatiseringtijdperk dat daarna volgde was geen haar beter en heeft bijgedragen tot zeer dubieuze handelingen. Ik breng hierbij alleen maar in herinnering de aankoop van Hotel Inter Continental door het van der Valk concern voor minder dan de met ontwikkelingshulp betaalde restauratie van het jaar daarvoor en het oprichten van al die vis noch vlees gouvernement- N.V.’s met hun duurbetaalde directies en commissarissen en de door de belasting betaler te dragen verliezen.
Een bedrijf moet zich of publiekrechterlijk of
privaatrechterlijk verantwoorden en niet tussen allebei in zweven.. Gezonde
privatisering binnen het steeds meer globaliserende kapita
Natuurlijk ben ik mij er ook bewust van dat privatisering een botsing is tussen traditie, cultuur en solidariteit tegenover efficiëntie, winstmaximalisatie en individualisatie. Privatisering moet dus dan ook volgens mij met democratische controle. De staat moet verantwoordelijk blijven voor onze mensen rechten.
In plaats van het te bevechten zouden wij moeten proberen het proces creatief ethisch te begeleiden door regulerende wetten.We moeten naar een functionele constructie zoeken in plaats van naar een ideologische, L. Narain en Van der Giessen.
Ondernemingen moeten ook de maatschappelijke kosten gaan dragen, N. George, zoals die van milieuvervuiling en mogen niet langer kosteloos roofbouw plegen. Ze moeten aan minimum kwaliteitseisen voldoen en toegankelijk zijn voor iedereen tegen betaalbare prijzen.
Onze regering moet alleen minder aandeelhouder zijn en meer toezichthouder. Ik vind het gebruiken van een gedeelte van de winst van Aqualectra om minder bedeelden hun schuld kwijt te schelden en via een beter te controleren systeem weer op het waternet aan te sluiten een goed voorbeeld van wat ik bedoel. Zo ook Port Marie met alle faciliteiten voor 5 gulden entree per auto.
We moeten ook onderscheid gaan maken, tussen essentiële en niet essentiële overheidstaken. Strandrecreatie is volgens mij in ieder geval niet een essentiële overheidstaak. Hoeveel % van Curaçaoënaars maakt überhaupt gebruik van strandrecreatie?
Wij Curaçaoënaars zullen in de 21ste eeuw noodgedwongen collectief en individueel onze eigen broek op moeten houden. Daar hoort bij dat we de kosten van onze recreatie, eventueel voor sommigen gesubsidieerd, zelf dragen. De vorige slipway op Boca was door Nederland betaald. Deze nieuwe ook. Moet de volgende ook door Nederland betaald worden of door de gebruikers?
In het provinciemodel betalen we in ieder geval mee.Go ahead Schotte, mijn zegen heb je.